MACHT ONTREMT

Over teveel zelfvertrouwen, het Johan Cruijff-effect, stereotypen, anderen omlaag drukken, én de positieve gevolgen van macht

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined variable: column in <b>/home/macht/public_html/wp-content/themes/roosvonk/page-templates/sub_image.php</b> on line <b>6</b><br />
 
Macht corrumpeert, zegt men, en absolute macht corrumpeert absoluut. Dat belooft niet veel goeds voor de wereld, want de mensen die het ècht voor het zeggen hebben, hebben kennelijk niet altijd het beste met ons voor. Kijk naar politici: als ze eenmaal aan de macht zijn komt er steevast niets terecht van hun verkiezingsbeloften. Dan zijn ideologische principes opeens onderhandelpunten, menselijke gebreken bij de tegenpartij zijn scoringskansen die uitgemolken worden, grove eigen stommiteiten zijn een aanleiding om zo vaak “het spijt me” te roepen dat je er een heel televisieseizoen mee zou kunnen vullen, en ondertussen zit de spijtoptant vastgeplakt aan de verworven positie, onder het motto “ik moet mijn verantwoordelijkheid nemen”.
 
Zelfvertrouwen: het Johan Cruijff-effect

Macht heeft niet alleen dit effect, laat wetenschappelijk onderzoek zien. Het zorgt er ook voor dat de zelfwaardering stijgt, dat je meer positieve emoties gaat ervaren, dominanter en assertiever wordt. Mensen met macht vinden ook dat ze overal over mee kunnen praten. We zouden dat het Johan Cruijff-effect kunnen noemen; Cruijff heeft over diverse niet-voetbal-gerelateerde onderwerpen een mening – zaken waar hij wellicht evenveel, of even weinig, van weet als ieder ander. Andere mensen luisteren daar niettemin naar, vanwege zijn status. Op analoge wijze kan iemand die opklimt tot leidinggevende door bepaalde talenten (bijvoorbeeld zijn organisatietalent of vakinhoudelijke kennis), ten onrechte aannemen dat hij overal verstand van heeft.

Je raakt door macht en het bijbehorende zelfvertrouwen meer gericht op aktie: handelen, risico nemen. Je hebt minder remmen en gaat daardoor ook meer eten en meer flirten. Mannen gaan meer aan seks denken. Ook verwerk je op een andere manier informatie: globaler, met minder aandacht voor details.
 
Stereotypen

Daarmee samenhangend maak je meer gebruik van stereotypen: “Ik zie het al, dat is er zo eentje.” Mensen in hoge posities menen vaak dat ze snel en met weinig moeite een goed beeld van allerlei zaken hebben en dat ze aan een half woord genoeg hebben. De rest vullen ze zelf wel in.

Mede hierdoor gaat de machthebber vaak minder positief en minder genuanceerd denken over minder-machtigen. Mensen nemen aan dat ze hun macht niet ten onrechte krijgen. Als je de leiding krijgt over iemand, ben je geneigd te denken dat die ander minder competent is en jouw leiding ook wel nodig zal hebben. In bedrijven zie je dit het sterkst bij managers die het idee hebben dat er helemaal niks van de grond komt zonder hun bemoeienis. Dit negatieve beeld van de ondergeschikte is verklaarbaar doordat de machtige persoon het machtsverschil wil rechtvaardigen (het is een vervelend idee als je zomaar de baas wordt over iemand die jouw gelijke is en die best zonder jou kan), maar ook doordat leidinggevenden minder aandacht besteden aan de individuele personen die ze onder hebben, en dus meer simpel en stereotiep over hen gaan denken.
 
De grote lijn

Niet alle effecten van macht zijn nadelig. Zo kan het heel gezond zijn om in een machtige positie vooral te letten op de ‘big picture’, en het uitpluizen van details over te laten aan anderen – als je tenminste naar die anderen luistert wanneer ze je waarschuwen en hen niet teveel stereotypeert (“Zo’n accountant heeft geen oog voor waar het écht om gaat”). Voor andere effecten ziet het er minder gunstig uit. Als de aandacht eenzijdig uitgaat naar winst, groei en risico, zoals bij veel machtigen, kan dat bijvoorbeeld leiden tot een overvloed aan fusies die veel gedoe en onzekerheid geven en uiteindelijk weinig opleveren. Snelle, globale informatieverwerking kan ertoe leiden dat je vooral medewerkers aanneemt die op je lijken, omdat je daar een goed gevoel bij hebt, waarmee je onbewust de diversiteit en de kans op vernieuwing minimaliseert. En waar het wegvallen van normen en remmen toe kan leiden, kunnen we allemaal bedenken, en zien we ook regelmatig geïllustreerd in het nieuws.

Anderen klein houden
Macht heeft nog een ander hinderlijk neveneffect. Macht is verslavend. Mensen met een machtige positie willen dat dus graag zo houden. Dat betekent dat ze, soms bewust maar vaker onbewust, ernaar streven de machtsverschillen tussen zichzelf en hun medewerkers te handhaven. Door de overtuiging uit te dragen dat hun talenten superieur zijn, ontstaat binnen hun organisatie een sfeer waarin hun hogere positie vanzelfsprekend is. Hoe onzekerder de machtige persoon in zijn hart is, des te meer zal hij proberen de afstand te vergroten tussen zichzelf en degene direct onder hem. Gevolg is dat de meest veelbelovende medewerkers door de machtige persoon op afstand worden gehouden. Die vormen immers een bedreiging. Hoe dichter iemand bij de ‘troon’ komt, des te bedreigender wordt hij en des te harder zal hij omlaag geduwd worden.

Niet voor niets proberen sluwe mensen die aan de top willen komen vaak gedurende lange tijd een steun en trouwe gediende te zijn van de machthebber, en niet al hun ambities te laten blijken. Met deze meer dienende rol bereiken ze dat de leider een positief beeld van hen behoudt, en krijgen ze uiteindelijk veel meer ruimte om zich te manifesteren en invloed uit te oefenen. Het vereist dus vaak speciale sluwigheid om überhaupt aan de macht te komen – waarmee negatieve beeld van de machthebber compleet is.
Het kan natuurlijk ook anders. Een goede leider kan boven zijn persoonlijke belang uitstijgen, en andere mensen de mogelijkheid bieden meer macht te verwerven en hun talenten te benutten en ontwikkelen, ten behoeve van de groep. Dit vraagt van de leidinggevende dat hij stevig genoeg in het zadel zit om zich niet bezorgd te maken over zijn eigen positie.
 
Individuele verschillen

Gelukkig laat recent onderzoek zien dat er grote individuele verschillen zijn in de effecten van macht. Zo vond de Nijmeegse studente Maaike Jongenelen dat sommige mensen in een machtige positie zichzelf inderdaad hoge bonussen toeëigenen, maar dit gold voor lang niet iedereen: alleen mensen die enigszins narcistisch zijn, en het idee hebben dat zij recht hebben op een bijzondere behandeling, vertoonden dit gedrag. Mensen die laag scoren op dit kenmerk verdeelden het geld heel eerlijk tussen zichzelf en hun medewerkers.

In Amerikaans onderzoek over de relatie tussen seks en macht was ook sprake van grote individuele verschillen: mannen met macht gingen op een meer seksuele manier naar vrouwen kijken, maar dit gold uitsluitend voor mannen waarvan uit een test al bekend was dat ze op seksueel gebied geen vrouwvriendelijke opvattingen hadden.
 
Ontremming

Het effect van macht is kennelijk dat remmen wegvallen, waardoor bestaande neigingen in de persoon worden versterkt. Zo kan macht mensen meer hebberig maken, maar ook meer sociaal en altruïstisch (afhankelijk van hoe ze al waren). Dit betekent dat de selectie van mensen voor een leidinggevende positie meer implicaties heeft dan je zou denken. Of het nu gaat om een coöperatieve of competitieve houding, flirterigheid of preutsheid, creativiteit of behoudendheid, wat dan ook: door het verwerven van macht worden bestaande eigenschappen sterker. Dat effect kan ten goede of ten kwade uitpakken.

Uiteindelijk kan dit effect zich weer uitstrekken naar de hele omgeving. De machtige persoon heeft immers grote invloed op selecties, promoties, gedrag en houding van zijn medewerkers. En hij wordt niet snel gecorrigeerd door anderen. Iets wat heel klein begint, als een neiginkje van een individu, kan op die manier in de gehele organisatie doordringen.
 
 
* Dit is een gecombineerde versie van columns die eerder zijn verschenen in Intermediair en Het Financieele Dagblad, en staat tevens in het boek Ego’s en andere ongemakken van Roos Vonk (Scriptum, najaar 2009).